Gratis verzending vanaf 30 euro
Binnen 2 werkdagen in huis
Digitaal te lezen in de app
40.000+ leerlingen gingen je voor

Phillipscurve

In de economie zijn veel ontwikkelingen met elkaar verbonden. Zo kan de stijging van één factor leiden tot een stijging of daling van iets anders. Een van deze verbanden, die tussen de inflatie en de werkloosheid, wordt uitgelegd door de Phillipscurve. De Phillipscurve wordt inmiddels minder gebruikt en komt ook niet meer terug op het eindexamen, maar kan nog wel nuttig zijn om de relatie tussen inflatie en werkloosheid op korte termijn te verklaren. In dit artikel lees je alles over de Phillipscurve.

Alles wat je moet weten over de Phillipscurve

Wat is de Phillipscurve?

Wat is de Phillipscurve?

De Phillipscurve geeft een korte termijn verband weer tussen de inflatie en de werkloosheid. Deze ziet er als volgt uit:

Phillipscurve

Zoals je ziet leidt een hoge werkloosheid tot een lage inflatie. Dit werkt als volgt. Stel je voor dat een economie zich in een situatie van hoge werkloosheid bevindt. Doordat veel mensen geen inkomen hebben, zullen de bestedingen laag zijn. Doordat de geaggregeerde vraag hiermee laag is, zal de inflatie ook laag zijn. Daarnaast zal de ruime arbeidsmarkt die ontstaat bij hoge werkloosheid ertoe leiden dat de lonen laag blijven: werkgevers hoeven door de hoge concurrentie op de arbeidsmarkt hun werknemers niet veel te betalen. Door deze lagere lonen blijven de bestedingen verder achter, waardoor ook de inflatie laag blijft. Deze situatie vind je rechtsonderin de Phillipscurve: de werkloosheid is hoog en de inflatie is laag.

Andersom leidt een hoge inflatie tot een lage werkloosheid. Dit werkt als volgt. Bij een hoge inflatie zorgen de hoge prijzen voor hoge winstmarges, waardoor bedrijven veel willen produceren. Om veel te produceren, zijn veel werknemers nodig. De werkloosheid is dus laag. Bovendien leidt deze hogere productie tot een krappere arbeidsmarkt en daarmee tot een stijging van de lonen. Er zijn weinig werkenden beschikbaar, en werkgevers zullen dus een hoger loon moeten bieden om voor hen te werken. Deze hogere lonen leiden weer tot een stijging van de bestedingen, waardoor de inflatie verder stijgt. Deze situatie vind je linksbovenin de Phillipscurve: de inflatie is hoog en de werkloosheid is laag.

Hoe wordt de Phillipscurve op korte termijn gebruikt?

Hoe wordt de Phillipscurve op korte termijn gebruikt?

Als beleidsmakers ervan uitgaan dat het korte termijn verband van de Phillipscurve echt bestaat en ook stabiel is, kan de Phillipscurve worden gebruikt om met overheidsbeleid de economie te beïnvloeden.

Volgens het model van de Phillipscurve kan de overheid de economie beïnvloeden met zogenaamd Keynesiaans stimuleringsbeleid, vernoemd naar de Engelse econoom John Maynard Keynes. Volgens Keynes moet de overheid de economie niet overlaten aan de vrije markt, maar actief proberen deze te beïnvloeden en stabiliseren. Dit kan op twee manieren: door monetair beleid en fiscaal beleid. Met monetair beleid wordt het aanpassen van de geldhoeveelheid bedoeld en fiscaal beleid gaat over het aanpassen van de belastingen. Als de overheid een anticyclisch monetair en fiscaal beleid voert, kunnen schokken in de conjunctuur worden gedempt, en blijft de economie stabiel.

Situatie van laagconjunctuur (rechtsonderin de Phillipscurve)

Stel je voor dat een economie zich bevindt in een situatie van laagconjunctuur: de inflatie is laag en de werkloosheid is hoog. De overheid van dit land zou de economie van dit land dan kunnen stimuleren.

Op monetair vlak zou de centrale bank de rente kunnen verlagen: als de rente daalt, wordt er meer geleend en minder gespaard, en stijgen de bestedingen. Op fiscaal vlak zou de overheid bepaalde belastingen kunnen verlagen en meer subsidies en/of uitkeringen kunnen geven. Hierdoor zouden de bestedingen verder stijgen. Doordat de bestedingen door monetair en fiscaal beleid stijgen, stijgt de productie. Voor deze hogere productie zijn meer werkenden nodig: de werkloosheid daalt dus. Hier staat wel tegenover dat door de hogere bestedingen en krappere arbeidsmarkt de inflatie stijgt.

Situatie van hoogconjunctuur (linksbovenin de Phillipscurve)

Het kan ook zo zijn dat de economie van een land zich in een situatie van hoogconjunctuur bevindt: de inflatie is hoog en de werkloosheid is laag. De overheid kan in dit geval met monetair en fiscaal beleid de hoge inflatie terugdringen.

Op monetair vlak kan de rente worden verhoogd, waardoor er minder geleend en meer gespaard zal worden. Hierdoor zullen de bestedingen afnemen. Op fiscaal vlak zou de overheid bepaalde belastingen kunnen verhogen en subsidies en/of uitkeringen verlagen. Hierdoor dalen de bestedingen verder. Doordat het monetair en fiscaal beleid ervoor zorgen dat de bestedingen dalen, zal ook de inflatie dalen. Dit leidt wel tot een hogere werkloosheid: als de bestedingen dalen zal ook de productie dalen, waardoor minder werknemers nodig zijn.

Wat is stagflatie?

Wat is stagflatie?

Stagflatie is een situatie waarin de economie van een land te maken heeft met zowel inflatie als stagnatie. In een land waar sprake is van stagflatie zijn de inflatie en werkloosheid beiden hoog.

Stagflatie is ook één van de redenen waarom de Phillipscurve tegenwoordig minder vaak wordt gebruikt. Verschillende landen kregen in de afgelopen decennia namelijk te maken met stagflatie, een situatie die volgens de Phillipscurve niet bestaat. In de Phillipscurve is de inflatie laag als de werkloosheid hoog is, en andersom. De situatie dat zowel de inflatie als de werkloosheid hoog zijn (stagflatie) komt niet voor in het model van de Phillipscurve.

Phillipscurve en stagflatie

Doordat verschillende landen te maken kregen met stagflatie, werd het bewijs voor het bestaan van de relatie tussen de inflatie en de werkloosheid in de Phillipscurve zwakker. Hierdoor werd niet alleen de Phillipscurve, maar ook Keynesiaans stimuleringsbeleid minder effectief. Keynesiaans stimuleringsbeleid werkt namelijk niet goed bij stagflatie. Als de overheid de economie wil stimuleren met een lage rente en lage belastingen, stijgt de inflatie nog verder. Ook geldt dat als de overheid de inflatie in een land met stagflatie wil afremmen door middel van hoge rente en hoge belastingen, de werkloosheid in dat land verder zal stijgen.

Waarom werkt de Phillipscurve niet op de lange termijn?

Waarom werkt de Phillipscurve niet op de lange termijn?

Verschillende economen na Phillips hebben betoogd dat er op de lange termijn geen verband bestaat tussen de inflatie en de werkloosheid, maar dat de werkloosheid op lange termijn stabiel is. Dit werkt als volgt.

Stel je voor dat een land de werkloosheid wil verlagen door de bestedingen te verhogen. De rente en de belastingen gaan omlaag en de overheidsuitgaven gaan omhoog. Doordat de bestedingen omhoog gaan, ontstaat er inflatie. Stel je voor dat een land te maken krijgt met een inflatie van 10%. Op de korte termijn zal dit leiden tot een stijging van de productie en een daling van de werkloosheid. De winstmarges stijgen, en producenten zullen meer willen produceren.

Als deze inflatie van 10% voor een langere periode aanhoudt, zullen werknemers meer salaris willen. Dit komt omdat het reële inkomen daalt door de hoge inflatie. Werknemers zullen dus vragen om een loonsverhoging. Om te compenseren voor de inflatie van 10%, moeten de nominale lonen ook met minimaal 10% stijgen, zodat de koopkracht niet daalt.

Door een stijging van het nominaal loon met 10%, stijgen ook de loonkosten: arbeid wordt voor producenten duurder. Dit heeft twee gevolgen:

  1. De internationale concurrentiepositie van producenten in dit land zal verslechteren. Door de hogere loonkosten worden producten duurder ten opzichte van het buitenland. Hierdoor zal de export dalen en de import stijgen. De productie zal hierdoor dalen, waardoor de werkloosheid weer stijgt. 
  2. Producenten kunnen ook proberen om de productiefactor arbeid te vervangen door kapitaal, omdat kapitaal bij inflatie aantrekkelijker wordt dan arbeid. Kapitaal, zoals machines, zullen immers niet vragen om een loonsverhoging. Als er dan minder arbeid nodig is bij de productie in een land, stijgt de werkloosheid verder.

Op de lange termijn zal aanhoudende inflatie dus niet leiden tot een blijvend lagere werkloosheid. In plaats hiervan zal de verwachte inflatie op de langere termijn leiden tot een loonstijging, waardoor de werkloosheid weer stijgt. Het werkloosheidsniveau wat op de lange termijn ontstaat wordt ook wel de Non Accelerating Inflation Rate of Unemployment (NAIRU) genoemd.

Phillipscurve en NAIRU

De NAIRU is eigenlijk hetzelfde als de natuurlijke werkloosheid. De natuurlijke werkloosheid wordt veroorzaakt door frictiewerkloosheid, seizoenswerkloosheid en structurele werkloosheid. Deze natuurlijke werkloosheid zal niet verdwijnen door Keynesiaans stimuleringsbeleid. Volgens de logica van de NAIRU is het juist een slecht plan om de economie te stimuleren in een laagconjunctuur: er zal door de extra bestedingen wel meer inflatie ontstaan, maar op de lange termijn geen lagere werkloosheid. Keynesiaans stimuleringsbeleid kan zo leiden tot stagflatie: er ontstaat op de lange termijn zowel een hoge inflatie als een hoge werkloosheid.

Geschiedenis van de Phillipscurve

De geschiedenis van de Phillipscurve

De Phillipscurve is bedacht door William Phillips in 1958, na een analyse van data over de nominale lonen en de werkloosheid in het Verenigd Koninkrijk. Hoewel de curve dus eerst de relatie tussen de nominale lonen en de werkloosheid weergaf, werd de curve later aangepast door economen Samuelson en Solow, die tot het verband tussen inflatie en werkloosheid kwamen. Doordat deze economen veel data gebruikten bij hun onderzoek en daaruit de curve trokken, leek het alsof er een echt, natuurlijk omgekeerd verband bestond tussen de inflatie en de werkloosheid: als de ene stijgt, daalt de ander. Tegenwoordig wordt de Phillipscurve minder gebruikt, doordat een situatie van stagflatie (die in verschillende landen is voorgekomen) niet mogelijk was volgens de Phillipscurve.

Video

Wil je meer weten over de Phillipscurve? Check dan deze uitlegvideo van OsAcademie:

Bekijken als Rooster Lijst

4 Items

per pagina
Aflopend sorteren
Bekijken als Rooster Lijst

4 Items

per pagina
Aflopend sorteren