Wat is de kernvakkenregel?

De kernvakkenregel is van toepassing op de havo en het vwo. Eindexamenleerlingen van de havo en vwo moeten om te slagen rekening houden met de kernvakkenregel. In dit artikel leggen we uit wat de kernvakkenregel is en hoe deze is opgebouwd voor havo en voor vwo.

Kernvakkenregel HAVO en VWO

HAVO

De kernvakken op de havo zijn de drie vakken: Nederlands, Engels en Wiskunde. Er wordt van je verwacht dat je deze vakken goed beheerst. Daarom is er een regel ingesteld die bepaalt welke minimale score je moet halen voor deze vakken. De regel is:

  • Je mag slechts voor één van de drie vakken een eindcijfer 5 halen op je diploma.
  • Voor de overige twee vakken moet je minimaal een eindcijfer 6 halen.

Eindcijfer

Het eindcijfer is het gemiddelde cijfer van je schoolexamen en het centraal examen. Het eindcijfer is altijd een afgerond getal en een 4,5 wordt naar boven afgerond tot een 5.

Meer wiskundevakken

Als iemand in meer wiskundevakken eindexamen heeft gedaan telt slechts één van die vakken mee binnen de kernvakkenregeling. Wiskunde D is een vak dat alleen naast wiskunde B mag worden gekozen. Wiskunde D telt daarom nooit mee als kernvak.

Uitzondering voor Cultuur & Maatschappij zonder wiskunde

Als je op de havo zit en je hebt gekozen voor het profiel Cultuur & Maatschappij, dan is Wiskunde geen verplicht vak. Dit betekent dat de kervakkenregel alleen voor jou van toepassing is voor de vakken Nederlands en Engels. Ook als je voor het profiel Cultuur & Maatschappij hebt gekozen met Wiskunde als keuzevak, dan kan Wiskunde buiten beschouwing worden gelaten in de kernvakkenregeling.

Conclusie

De kernvakkenregel eist dat je voor Nederlands, Engels en Wiskunde tenminste een: 4,5 – 5,5 – 5,5 haalt op je diploma. Deze drie cijfers worden immers naar boven afgerond en daarmee komen je gemiddelde eindcijfers dan uit op een: 5 – 6 – 6. Als je voor het profiel Cultuur & Maatschappij hebt gekozen dan valt Wiskunde niet binnen de kernvakkenregel.

VWO

De kernvakken op het vwo zijn: Nederlands, Engels en Wiskunde en de rekentoets.
Er wordt van je verwacht dat je deze vakken goed beheerst. Daarom is er een regel ingesteld die bepaalt welke minimale score je moet halen voor deze vakken. De regel is:

  • Je mag slechts voor één van deze vier kernvakken een eindcijfer 5 halen.
  • Voor de overige drie vakken moet je minimaal een eindcijfer 6 halen.

Eindcijfer

Het eindcijfer is het gemiddelde cijfer van je schoolexamen en het centraal examen. Het eindcijfer is altijd een afgerond getal en een 4,5 wordt naar boven afgerond tot een 5.

Meer wiskundevakken

Als iemand in meer wiskundevakken eindexamen heeft gedaan telt slechts één van die vakken mee binnen de kernvakkenregeling. Wiskunde D is een vak dat alleen naast wiskunde B mag worden gekozen. Wiskunde D telt daarom nooit mee als kernvak.

Conclusie

De kernregel eist dat je voor Nederlands, Engels, Wiskunde en de rekentoets tenminste een: 4,5 – 5,5 – 5,5 – 5,5 haalt op je diploma. Deze vier cijfers worden immers naar boven afgerond en daarmee komen je gemiddelde eindcijfers dan uit op een: 5 – 6 – 6 - 6.