Gratis verzending vanaf 30 euro
Binnen 2 werkdagen in huis
Digitaal te lezen in de app
40.000+ leerlingen gingen je voor

Alles wat je moet weten over de rekentoets

De rekentoets. Iedereen op de middelbare school heeft hier weleens van gehoord. VMBO, HAVO of VWO, iedereen moest er aan geloven. De rekentoets was een paar jaar geleden ingevoerd als een verplicht onderdeel. Het cijfer van de rekentoets telde alleen niet écht mee voor je diploma. In sommige gevallen was een vervolgopleiding geïnteresseerd in het cijfer voor de rekentoets, maar in veel andere gevallen ook weer niet. Dus waarom bestond de rekentoets dan? En wat was het nut? In dit artikel vertellen we je alles over de rekentoets. En om je alvast een kleine spoiler te geven: sinds februari 2019 heeft de Tweede Kamer een streep gezet door de rekentoets. Kortom, als je alleen wilde weten of jij dit jaar de rekentoets moet maken, dan is het antwoord dus NEE en kun je eigenlijk hier al stoppen met lezen.

Vind je het interessant om over de achtergrond van de rekentoets te lezen en te weten te komen waarom deze nu is afgeschaft, lees dan vooral verder.

Alles wat je moet weten over de rekentoets

Wat was de rekentoets?

De rekentoets was een digitale toets om te beoordelen of leerlingen op het juiste niveau kunnen rekenen met alledaagse situaties. Het ging hier om rekenen en niet om wiskunde! Optellen, aftrekken, vermenigvuldigen, delen en percentages. Dat soort zaken kwamen in de toets naar voren. Naast getallen moest je verder kunnen omgaan met verhoudingen, meten/meetkunde en verbanden.

De rekentoets bestond uit 45 vragen. 15 daarvan waren zonder context, 30 waren met context. Vragen mét context schetsten een alledaagse situatie waarin je bepaalde sommen moest kunnen oplossen. Bijvoorbeeld rekenen met geld als je iets op de markt koopt, of rekenen met verhoudingen als je een taart bakt. Bij sommige vragen mocht je een rekenmachine gebruiken en bij sommige andere vragen niet. De rekentoets was een verplicht onderdeel van het eindexamen voor alle leerlingen. 

Waarom bestond deze?

Om deze vraag te kunnen beantwoorden moeten we terug naar 2010. Het bedrijfsleven, universiteiten en hogescholen klaagden indertijd over de slechte rekenvaardigheden van jongeren. De Tweede Kamer gaf gehoor aan deze klachten en besloot in 2010 om een toets in te voeren voor alle eindexamenkandidaten, om vast te stellen dat zij konden rekenen. Dit werd de rekentoets. De rekentoets moest volgens de Tweede Kamer verplicht worden gesteld, omdat scholieren anders de toets wellicht niet serieus zouden nemen. Uiteindelijk werd in het schooljaar 2014/2015 de rekentoets voor het eerst in voortgezet onderwijs afgenomen.

Voordelen

De Tweede Kamer zag onder andere als voordeel dat alle leerlingen die het voortgezet onderwijs zouden verlaten, een basisniveau rekenvaardigheid zouden hebben. Het cijfer kwam tenslotte op je cijferlijst te staan en je zou er liever geen onvoldoende hebben staan. De algemene gedachte was dat leerlingen hun best zouden doen om een goed cijfer te halen op de rekentoets. Andere voordelen waren het verschaffen van inzicht in de rekenvaardigheid van examenkandidaten bij de doorstroom naar het vervolgonderwijs. Ook kon de overheid naar de gemiddelde cijfers per school kijken en scholen zo met elkaar vergelijken. Geen school zou de slechtste willen zijn (wat scholen dus zou aansporen beter rekenonderwijs te geven). Door een transparante rekentoets in te voeren konden leerlingen, ouders, docenten, scholen en de overheid dus inzicht krijgen in de rekenprestaties.

Nadelen

De rekentoets was ondanks de goede bedoelingen nooit goed uit de verf gekomen en bleef omstreden. Veel scholen zijn van mening dat het rekenonderwijs in zijn totaliteit verkeerd is opgezet. Dit zou volgens de scholen de reden zijn waarom vervolgopleidingen en het bedrijfsleven al jaren klagen over de rekenprestaties. Dus je kan wel een rekentoets invoeren, maar als leerlingen nooit goed hebben leren rekenen, dan worden leerlingen eigenlijk afgerekend op iets waar ze zelf weinig aan hebben kunnen doen. Als compromis besloot de Tweede Kamer dat alle leerlingen de toets wel moesten maken, maar dat het cijfer niet meetelde op het diploma. Dit principe haalde vervolgens de inzet van de rekentoets weer verder onderuit. Want als de rekentoets niet echt meetelt, waarom moet je deze dan überhaupt maken

Veel mensen waren het erover eens dat een rekentoets pas nut heeft, als je deze succesvol moet afronden om je diploma te kunnen halen.

De afschaffing van de rekentoets

De Tweede Kamer nam in december 2016 een motie aan om alternatieven voor de rekentoets te onderzoeken. De staatssecretaris van onderwijs moest samen met Nederlandse Vereniging van Wiskundeleraren op zoek naar een alternatief. Twee expertgroepen voor het VMBO en voor HAVO/VWO werkten hieraan. In november 2018 hadden de ministers van onderwijs de Tweede Kamer geïnformeerd dat er een nieuw plan lag voor de rekentoets. De belangrijkste boodschap was: rekenen gaat in het voortgezet onderwijs weer meetellen voor het behalen van je diploma!

De rekentoets zou een onderdeel van het schoolexamen en dus niet van het centraal examen worden. Dit moest scholen de ruimte geven om zelf te bepalen hoe en hoe vaak ze de rekenkennis willen testen. Scholen zouden er daarnaast voor kunnen kiezen om van rekenen een apart vak te maken of om het een onderdeel te maken van een bestaand vak. Een logische keuze kan het vak Wiskunde zijn, maar rekenen zou ook passen bij vakken als Economie, Bedrijfseconomie, Natuurkunde of Scheikunde. Uiteindelijk moest het rekenonderwijs een vaste plek in het voortgezet onderwijs krijgen.

In februari 2019 nam de Tweede Kamer echter een motie aan om zowel een streep te zetten door de rekentoets in zijn huidige vorm, als door het alternatieve plan van minister Slob om rekenen een onderdeel van de schoolexamens te maken. Dit betekent dat vanaf schooljaar 2019-2020 de rekentoets definitief verdwijnt.

Mocht je je op dit punt afvragen: maar wat dan met de eerder genoemde voordelen van de rekentoets? Want het klinkt op zich natuurlijk helemaal niet gek om rekenen als vaardigheid mee te krijgen op de middelbare school. Dat vond de Tweede Kamer ook. Deze steunt dan ook het plan van de Nederlandse Vereniging van Wiskundeleraren (de NVvW) om rekenen in het vak wiskunde te integreren. De Tweede Kamer wil zo snel mogelijk starten met de plannen van het NVvW. Wanneer we de effecten van deze plannen gaan zien is op dit moment nog onbekend. Wanneer er meer bekend is zullen we dit artikel verder updaten.