Examen Aardrijkskunde HAVO 2026
Begrijp jij de geografie van de aarde en kun jij de belangrijkste kenmerken per regio in de wereld benoemen? Begrijp jij nationale en regionale vraagstukken in ons land als het gaat om mens, milieu, verkeer en natuur? Met andere woorden: ben jij goed voorbereid voor het Aardrijkskunde examen? Op deze pagina kun je alles lezen over het Aardrijkskunde eindexamen HAVO.

De examenstof
Het Aardrijkskunde eindexamen HAVO 2026 bestaat uit een aantal onderdelen, namelijk:
A. Mondiale spreidings- en relatiepatronen
Mondiale spreidings- en relatiepatronen gaat in op de manier waarop landen kunnen worden vergeleken. Er zijn verschillende indicatoren die je moet kennen. Bijvoorbeeld, op economisch vlak de verdeling van de beroepsbevolking en het bruto nationaal product. Qua demografische indicatoren zijn bevolkingsspreiding, bevolkingsgroei en bevolkingsdichtheid belangrijk. Ook valt de wereld op te delen op basis van culturele kenmerken. Elke manier van categoriseren kent echter nadelen of beperkingen. Leer deze beperkingen goed.
Om de mondiale spreiding goed te begrijpen is het belangrijk om het koloniaal verleden te snappen. Zorg dat je dit snapt in relatie tot de centrum-periferie verhouding. Belangrijk is ook te weten hoe deze verhouding tegenwoordig aan het veranderen is. Hierin speelt onder andere demografische transitie een rol. Maar ook (arbeids)migratie en vrijhandel. De internationale handel vindt met name plaats tussen de VS, EU en Japan. Het is goed om te begrijpen hoe dit langzaam verschuift door opkomende economieën.
B. Het proces van globalisering
In dit onderwerp staat globalisering centraal. Belangrijk is te weten hoe technologische ontwikkelingen in transport en ICT relatieve afstanden verkleinen. Globalisering heeft economische, politieke en culturele oorzaken en gevolgen. Zorg dat je deze kenmerken kent. Daarnaast moet je weten wat offshoring en reshoring zijn en hoe dit van invloed is op de wereldwijde productieketens. Ten slotte moet je weten wat tijd-ruimtecompressie en de global shift zijn en wat voor gevolgen deze hebben.
A. Natuurlijke verschijnselen aan het aardoppervlak en in de atmosfeer
In dit onderwerp komt de opbouw van de aarde terug. De aarde heeft te maken met endogene en exogene processen. Deze processen hebben invloed op de vorming van de aarde. Endogene processen komen vanuit de aarde. Exogene processen beïnvloeden de aarde van buitenaf. Beide processen en de wisselwerking tussen beiden moet je goed kennen.
Om endogene processen te begrijpen, moet je allereerst de verschillende lagen van de aarde kennen. Belangrijk is dat je snapt hoe de tektonische platen kunnen verschuiven (bijvoorbeeld divergerende of convergerend) en hoe de processen van ridge-push en slab-pull werken. Ook moet je in dit kader weten hoe aardbevingen, vulkanen en gebergten ontstaan. Van elk van deze processen moet je meer weten. Bijvoorbeeld hoe een vulkaan werkt of wat het verschil is tussen een hypocentrum en een epicentrum bij een aardbeving. Maar ook wat voor soort gebergten er kunnen ontstaan.
De voornaamste exogene processen zijn verwering, erosie en sedimentatie. Zorg dat je weet wat fysische en chemische verwering is, en wat het verschil is tussen beiden. Erosie is een andere vorm van slijtage die je moet kennen. Belangrijk is te snappen hoe materiaal bij erosie wordt getransporteerd. Na dit transport wordt materiaal namelijk ergens anders gesedimenteerd (afgezet). Aardverschuivingen kunnen ook voor een groot transport van materiaal zorgen. Zorg dat je ook verschillende vormen van aardverschuivingen kent.
Endogene en exogene processen zorgen voor het creëren en afbreken van gesteente. In dit kader is het ook goed om de hydrologische en de gesteentekringloop te kunnen plaatsen. Zorg dat je snapt hoe water verdampt en via regen terugstroomt naar de zee. En hoe dit proces verwering en sedimentatie beïnvloedt. Verder is het goed om verschillende soorten gesteente (en het ontstaan ervan) te kennen.
Verder moet je weten hoe de atmosferische en oceanische circulatie op aarde werken. Zorg dat je begrijpt hoe hoge- en lagedrukgebieden ontstaan. En hoe warme en koude zeestromen lopen. Beiden hebben grote invloed op het klimaat en het ontstaan van verschillende klimaatgebieden. Ten slotte moet je weten welke klimaten er allemaal zijn.
B. Kenmerken van landschapszones op aarde en de veranderingen hierin
Klimaat is slechts één van de geofactoren die van invloed is op de vorming van landschapszones. Lucht, bodem, water, gesteente en reliëf zijn andere factoren die een rol spelen. In dit onderdeel moet je de zes verschillende landschapszones kennen. Bijvoorbeeld de polaire zone, boreale zone of tropische zone. Van elke landschapszone moet je de unieke zaken op gebied van temperatuur, begroeiing en neerslag kunnen benoemen.
De landschapszones zijn onderhevig aan verandering. Denk bijvoorbeeld aan verwoestijning of ontbossing. Belangrijk is om de meest voorkomende vormen van landdegradatie te kennen, inclusief het effect ervan.
A. Sociaalgeografische en fysisch-geografische kenmerken van Brazilië
In het derde onderdeel staat Brazilië als ontwikkelingsland centraal. Je moet hierbij op verschillende aspecten de kenmerken van het land kunnen benoemen.
Allereerst is belangrijk de topografie van Brazilië te kennen. Zorg dat je de namen van eilanden en alle belangrijke steden kent. Verder moet je de demografische kenmerken kennen. Denk aan aantal inwoners, spreiding van de bevolking, bevolkingsgroei en migratie. Belangrijk is om vooral de oorzaken en gevolgen achter de cijfers te snappen. Waarom migreren mensen, of waarom zijn er relatief veel jonge inwoners?
Een ander kenmerk is de economie. Zorg dat je snapt hoe het BNP van Brazilië zich verhoudt tot de regio en de rest van de wereld. Maar ook hoe binnen de landsgrenzen de verhoudingen liggen tussen arm/rijk, hoogopgeleid / laagopgeleid. Je moet daarnaast kunnen uitleggen welke sectoren belangrijk zijn en wat Brazilië importeert/exporteert.
Andere aspecten die je moet kennen zijn culturele en natuurlijke kenmerken. Zorg dat je weet welke etnische verschillen er zijn en hoe verstedelijking de cultuur beïnvloedt. Weet verder welk klimaat Brazilië kent en wat dit voor de begroeiing betekent.
B. De sociaaleconomische positie van Brazilië in de regio en in de wereld
De economie van Brazilië speelt een belangrijke rol in Zuid-Amerika. In dit onderdeel wordt dieper ingegaan op de rol van Brazilië in de regio en in de wereld. Zorg dat je weet welke economische relaties Brazilië onderhoudt in de regio en wat er allemaal momenteel speelt.
Globalisering heeft invloed op Brazilië. Op het examen moet je deze invloeden kunnen uitleggen. Bijvoorbeeld de rol van import en export, en de externe economische relaties met andere landen. Zorg dat je de voordelen en nadelen van globalisering voor Brazilië kunt benoemen.
A. Overstromingen en wateroverlast in Nederland
Dit onderdeel gaat in op de manier waarop Nederland omgaat met water. Je moet onder andere weten welke overstromingsgevaren we in Nederland kennen (vanuit rivieren en de zee). Maar ook welke factoren de kans op een overstroming versterken. Bijvoorbeeld de gevolgen van klimaatverandering. Voor de belangrijkste rivieren van Nederland (o.a. de Rijn en de Maas) moet je weten hoe deze rivieren zijn opgebouwd. Denk bijvoorbeeld aan het stroomstelsel en waar het water uit de rivier vandaan komt.
Om het water te managen worden verschillende middelen ingezet. Eén daarvan is de inzet van dijken. Zorg dat je weet hoe dijken het water tegenhouden en tegelijk de ruimte bieden. Andere middelen om invloed te houden op rivieren zijn, de inzet van kribben, kanalisatie en stuwen. In het waterbeleid van de overheid staat het Deltaprogramma centraal. Je moet weten wat dit programma inhoudt en hoe het verschilt van het programma 'ruimte voor de rivier'. Ook moet je weten welke rol integraal waterbeheer in dit programma speelt.
B. Ruimtelijke en sociaaleconomische vraagstukken van stedelijke gebieden
Dit onderdeel gaat in op de manier waarop Nederland omgaat met de ruimte die het land biedt. Veel mensen wonen of werken in of rond grote steden. Deze dienen daarom goed bereikbaar te zijn. Tegelijkertijd raken grote steden snel vol, waardoor grondprijzen stijgen, verkeerscongestie toeneemt en het milieu vervuilder raakt. Om de druk van grote steden af te halen, wordt de trek naar grote steden op verschillende manieren geremd. Hoge parkeertarieven is één voorbeeld. Regionale samenwerking en voorzieningen buiten de stad aanleggen zijn andere voorbeelden.
Op het examen moet je verder weten hoe de stad van de toekomst eruitziet. Zo moet je weten wat een science park, een smart city, een creatieve stad en een duurzame stad inhouden. Verder moet je weten wat ruimtelijke ordening is en hoe dat werkt.
Ten slotte moet je op het eindexamen ook weten hoe stedelijk beleid werkt op het niveau van woonwijken en buurten. Belangrijk is te weten welke factoren de leefbaarheid van een buurt beïnvloeden. Zorg dat je weet hoe het stadsbestuur wijken leefbaar en veilig kan maken/houden. Ook moet je weten hoe stadsvernieuwing en gentrificatie werken.
Het Aardrijkskunde eindexamen HAVO
Aardrijkskunde is de leer van de aarde. Op het eindexamen Aardrijkskunde HAVO 2026 komen vier hoofdonderwerpen terug. Het Aardrijkskunde eindexamen HAVO bestaat enkel uit open vragen over deze onderwerpen. Hieronder leggen we uit wat voor vragen je kunt verwachten.
Op het eindexamen Aardrijkskunde moet je de sociaalgeografische aspecten van de wereld kennen. Ook moet je de fysisch-geografische aspecten kennen. Er wordt van je verwacht dat je relaties kunt leggen tussen de natuur en de samenleving. Voor het land Brazilië moet je dit in detail weten. Tenslotte moet je om kunnen gaan met ruimtelijke vraagstukken. Zowel op regionale en nationale schaal, met internationale kaders.
Andere vragen gaan rechtstreeks over de begrippen. Leer de begrippen daarom goed. Laat je eventueel overhoren door een klasgenoot. Daarnaast komt het ook voor dat je begrippen in een context moet plaatsen. Probeer goed te letten op de relatie van de begrippen in combinatie met een groter onderwerp.
Hoe kunnen wij jou helpen bij het eindexamen?
Wij geloven dat iedereen kan slagen voor het eindexamen. Om jou te helpen goed voorbereid het examen in te gaan, hebben wij alle belangrijke informatie voor jou op een rijtje gezet en bieden we handige producten aan om jou te helpen slagen voor het examen Aardrijkskunde HAVO.
Informatie
- Examentips. Hier vind je alle belangrijke tips die je moet weten voor het examen Aardrijkskunde HAVO.
- Oude examens Aardrijkskunde HAVO. Oefenen is tenslotte het grote geheim om te slagen.
Producten
- Samenvatting voor het examen Aardrijkskunde. Dit is een kort en bondige samenvatting van alle examenstof.
- ExamenChallenge (online examentraining) voor het examen Aardrijkskunde. Verbeter zo snel mogelijk jouw zwakke punten met dit oefenvragenkanon.
- Oefenboek voor het examen Aardrijkskunde. Honderden oefenvragen gesorteerd per subdomein.
- Examentraining voor het examen Aardrijkskunde. Krijg twee dagen persoonlijke aandacht en pak jouw struikelvak aan.
De examenperiode is de meest stressvolle tijd van de middelbare school. Maar als jij onze samenvatting goed doorneemt, veel oefenvragen maakt en onze examentips leest, dan ga jij straks slagen voor het eindexamen!

- Kies je niveau
- Kies je producten
- Kies je vakken
Voordeelpakket
Tot 21% stapelkorting!




