De 11 beste examentips voor Wiskunde A

De beste examentips op een rij

Je gaat binnenkort het examen Wiskunde A maken. Wanneer je de examenstof kent, is het zaak om flink te oefenen. En de volgende examentips door te nemen. Wij hebben de beste examentips Wiskunde A voor jou verzameld, zodat jij straks geen fouten maakt die je had kunnen voorkomen. Lees deze tips door en focus je op de juiste zaken. Samen zorgen we ervoor dat jij slaagt voor het eindexamen. Geen stress!

Onderstaande tips zijn specifiek voor het examen Wiskunde A HAVO. Daarnaast bestaan er natuurlijk ook nog algemene examentips die gelden voor alle vakken.

Examentips Wiskunde A HAVO

Examentip Wiskunde A #1: Oefen je algebraïsche vaardigheden

Algebraïsche vaardigheden zijn belangrijk op het examen Wiskunde A. Idealiter heb je zoveel geoefend dat je zonder problemen complexe berekeningen kunt uitvoeren. Zorg bijvoorbeeld dat je oefent in het rekenen met breuken, wortelvormen, bijzondere producten en machten.

Examentip Wiskunde A #2: Zorg dat je de voorrangsregels kent

In de wiskunde hebben bepaalde bewerkingen voorrang bij de volgorde van een berekening. Je kunt dit onthouden met het ezelsbruggetje 'Hoe Moeten Wij Van De Onvoldoendes Afkomen'. Dit staat voor haakjes, machtsverheffen, worteltrekken, vermenigvuldigen, delen, optellen en aftrekken. Hoe eerder iets voorkomt in het ezelsbruggetje, des te hoger de prioriteit. Uitzondering hierbij zijn vemenigvuldigen en delen (die hebben dezelfde prioriteit), net als optellen en aftrekken (die hebben ook dezelfde prioriteit). De som 40 – 20 / 2, wordt dus opgelost door eerst te delen en daarna pas af te trekken: 40 – 10 = 30. Als je de voorrangsregels niet toepast op deze som, zou je een ander antwoord hebben gekregen. 

Examentip Wiskunde A #3: Schrijf altijd op hoe je tot je antwoord bent gekomen

Schrijf bij het beantwoorden van een vraag al je tussenliggende denkstappen op. Wanneer je een rekenmachine gebruikt levert het vaak punten op als je zegt wat je invoert en welke functies je hebt gebruikt. Als je enkel de vraag hebt beantwoord met het feitelijke antwoord, en je denkstappen weglaat, dan kan dit je kostbare punten kosten. Nadat je een lange berekening hebt gemaakt, komt er een getal uit als antwoord. Geef ook aan wat dit getal betekent in de context van de vraag.

Examentip Wiskunde A #4: Let op eenheden en decimalen achter de komma

Lees de vraag goed en let goed op de eenheden in de vraag. Als er bijvoorbeeld in de vraag gegevens staan in zowel centimeter als meter, dan kun je het beste eerst alles omrekenen in dezelfde eenheid. Zet ten slotte je antwoorden in de juiste eenheid en in het juiste aantal decimalen achter de komma.

Examentip Wiskunde A #5: Zorg dat je verschillende manieren om data te presenteren kent

Op het examen moet je verschillende manieren om data te presenteren kennen. Denk aan de frequentietabel, staafdiagram, lijndiagram, dotplot, cirkeldiagram, boxplot, spreidingsdiagram en een steel- en bladdiagram. Je moet in staat zijn om informatie uit deze figuren te halen en daar berekeningen mee uit te voeren.

Examentip Wiskunde A #6: Kijk naar de hoeveelheid punten die je kunt scoren per vraag

Kijk naar hoeveel punten je kunt verdienen met een vraag. Vaak zegt dit aantal iets over het aantal stappen dat je moet uitvoeren in de berekening.

Examentip Wiskunde A #7: Kijk altijd zelf ook naar de grafiek

Als er in een opgave staat ‘uit de grafiek is af te lezen dat...’, controleer dan even of je dat zelf ook kunt aflezen.

Examentip Wiskunde A #8: Oefenen, oefenen, oefenen

Wiskunde A is een vak dat je veel moet oefenen. Doe dit ook langer achter elkaar, zodat je went aan de tijdsduur van 3 uur wiskunde opgaven maken. Maak zoveel mogelijk oude wiskunde A examens. Zo raak je bekend met de vraagstellingen op het examen. Zorg ervoor dat je de antwoorden in het antwoordmodel ook echt snapt. Als je een vraag niet snapt, vraag je wiskunde leraar dan om uitleg.

Examentip Wiskunde A #9: Zorg voor reservebatterijen

Vergeet je passer, geodriehoek, potlood, gum en natuurlijk je grafische rekenmachine niet. Zorg voor voldoende batterijen in je grafische rekenmachine. Neem voor de zekerheid reservebatterijen mee. Neem ook een markeerstift mee naar het examen, zodat je bepaalde onderdelen in de vraag kunt markeren.

Examentip Wiskunde A #10: Zorg dat je kunt rekenen met procenten

Op het examen moet je met procenten kunnen rekenen. Zo moet je procentuele toenames kunnen berekenen, of in staat zijn om een beginhoeveelheid te berekenen als je enkel de groeifactor en de eindhoeveelheid hebt.

Examentip Wiskunde A #11: Zorg dat je het verschil tussen twee groepen kunt kwantificeren

Op het examen moet je in staat zijn om het verschil tussen twee groepen data te kwantificeren. Hoe je het verschil tussen twee groepen kwantificeert, hangt af van het meetniveau van de variabele die je wilt bekijken. Het verschil tussen twee groepen op een nominale variabele is te berekenen met behulp van de phi-coëfficiënt. Het verschil tussen twee groepen op een ordinale variabele is te berekenen met behulp van het maximale cumulatieve percentageverschil. Ten slotte is het verschil tussen twee groepen op een kwantitatieve variabele te berekenen met behulp van de effectgrootte. 

Weet jij nog meer examentips?

Heb jij nog goede examentips Wiskunde A?

Mail deze dan naar tips@examenoverzicht.nl en dan voegen we ze toe.

Andere niveaus

De examentips op deze pagina hebben betrekking op het examen Wiskunde A HAVO. Daarnaast hebben we ook examentips Wiskunde A voor VWO.

Hulp nodig bij de voorbereiding op het eindexamen?

De examentips op deze pagina kunnen je helpen bij de voorbereiding op het eindexamen. Zou je toch nog wat extra hulp kunnen gebruiken? Onze samenvatting Wiskunde A HAVO legt je alle examenstof kort en bondig uit!