Gratis verzending vanaf 30 euro
Binnen 2 werkdagen in huis
Digitaal te lezen in de app
40.000+ leerlingen gingen je voor

Wat is het verschil tussen voorraadgrootheden en stroomgrootheden?

Verschillende grootheden meet je op verschillende manieren. Sommigen meet je op één moment en anderen over een bepaalde periode. Hierdoor ontstaan voorraadgrootheden en stroomgrootheden. Op deze pagina lees je meer over deze twee grootheden.

Voorraadgrootheden en stroomgrootheden

Wat is een grootheid?

Grootheid

Een grootheid is iets wat kan worden gemeten. In de economie gebruiken we veel verschillende grootheden voor het meten van veel verschillende dingen. Alle dingen die je meet vallen hieronder. Voorbeelden zijn inkomen, vermogen, prijs, belasting, subsidie, productie, afzet, kosten, loon, loonkosten en nog heel veel andere dingen. Grootheden druk je uit in een bepaalde eenheid. Dit is hetgene waar je de grootheid in meet. De grootheid inkomen kun je bijvoorbeeld uitdrukken in euro’s, dollars of een andere munt. De grootheden productie en afzet kun je uitdrukken in aantal stuks, aantal liters, aantal kilo’s of waar een product ook maar in gemeten wordt. Hieronder zie je een aantal voorbeelden van grootheden en de eenheden waarin ze gemeten kunnen worden.

GrootheidEenheid

Prijs

Euro’s (€), dollars ($), ponden (£), etc.

Inkomen

Euro’s (€), dollars ($), ponden (£), etc.

Afzet

Aantal stuks, kilo’s, liters, kubieke meter, etc.

Productie van graan

Aantal kilo

Productie van melk

Aantal liters

Productie van telefoons

Aantal stuks

Arbeid

Aantal uren, dagen, weken, maanden, jaren, etc.

 

Wat is het verschil tussen een voorraadgrootheid en een stroomgrootheid?

Verschil tussen voorraadgrootheden en stroomgrootheden

Er zijn twee verschillende soorten grootheden: voorraadgrootheden en stroomgrootheden.

Voorraadgrootheden zijn grootheden die je meet op één moment. Je kijkt dus op één moment hoeveel euro’s, dollars, liters, kilo’s of een andere eenheid van een bepaalde grootheid aanwezig zijn. Je kijkt dus naar de voorraad die ergens op een bepaald moment aanwezig is. Voorbeelden hiervan zijn je vermogen op 1 januari, de staatsschuld op 1 november, de voorraad graan op 25 maart of iedere andere voorraad geld, goederen of van een andere grootheid die op een bepaald moment ergens is.

Stroomgrootheden zijn grootheden die je meet over een bepaalde periode. Je kijkt dan naar hoeveel euro’s, dollars, liters, kilo’s of een andere eenheid van een bepaalde grootheid ergens in een bepaalde periode bij komen of vanaf gaan. Je kunt dan bijvoorbeeld kijken naar je inkomen in de maand februari, de belasting die je betaalt in maart of het begrotingstekort van de overheid in het jaar 2019. Alle grootheden die gerekend worden over een bepaalde periode zoals een uur, dag, maand of jaar zijn een stroomgrootheid.

Hieronder zie je een aantal voorbeelden van voorraadgrootheden en stroomgrootheden:

  • Een voorbeeld van een voorraadgrootheid is je vermogen. Dit is de voorraad geld die je op een bepaald moment hebt. Je kunt je vermogen bijvoorbeeld meten op 1 januari, 24 maart of een willekeurig ander moment. De stroomgrootheid die hierbij hoort is je inkomen. Dit is wat je per uur, dag, week, maand of jaar verdient. Je meet dit dus over een bepaalde periode.
  • Een ander voorbeeld van een voorraadgrootheid is de staatsschuld van de overheid. Dit is de schuld van de overheid op een bepaald moment. Je kunt de staatsschuld ook weer op een bepaalde datum meten. De stroomgrootheid die hierbij hoort is het begrotingstekort of begrotingsoverschot van de overheid. Hierbij kijk je naar de hoeveelheid geld die de overheid in een bepaalde periode tekort komt of overhoudt.
  • Bij bedrijven worden voorraadgrootheden vaak weergegeven op een balans. Dit is een overzicht met alle bezittingen en schulden van een bedrijf op een bepaald moment. Hierop staan bijvoorbeeld de waarde van een bedrijfspand, de aanwezige voorraad goederen en het geld dat op de bank staat en in de kas zit. Ook staan verschillende kortlopende en langlopende schulden op de balans. De stroomgrootheden van een bedrijf worden vaak weergegeven op een resultatenrekening. Dit is een overzicht van alle inkomsten en uitgaven die in een bepaalde periode plaatsvinden. Voorbeelden hiervan zijn de opbrengsten van verkopen in een bepaalde periode en de inkoopkosten die in die periode gemaakt worden.

Oftewel, enkele voorbeelden van voorraadgrootheden en stroomgrootheden zijn:

VoorraadgrootheidStroomgrootheid

Vermogen

Inkomen

Staatschuld

Begrotingstekort / -overschot

Voorraad goederen

Verkoop en inkoop

Waarde van een auto

Afschrijving

Hypotheekschuld

Aflossing

 

Het kan zo zijn dat een voorraadgrootheid positief is, terwijl de stroomgrootheid die hiermee verbonden is negatief is. Stel je voor dat je op 1 januari € 1.000 op de bank hebt. Dit is dan een voorraadgrootheid: je meet dit op een moment. Als je dan in januari € 100 uitgeeft is dit een negatieve stroomgrootheid: je verliest geld in een bepaalde periode. Wel blijft de voorraadgrootheid dan positief: er staat nog steeds 1.000 – 100 = € 900 op je bank.

Andersom kan het ook zo zijn dat een voorraadgrootheid negatief is maar dat hier een positieve stroomgrootheid aan verbonden is. Stel je voor dat een land € 100 miljard aan staatsschuld heeft. Dit is dan een negatieve voorraadgrootheid. Een staatsschuld is een voorraadgrootheid, want deze meet je op een bepaald moment. Deze voorraad is negatief: er is schuld. Als dit land dan in een bepaald jaar € 5 miljard aflost op deze staatsschuld is de stroomgrootheid positief: er wordt in een bepaalde periode schuld afgelost. Wel blijft de voorraadgrootheid negatief. Het negatieve vermogen was € 100 miljard en wordt nu 100 – 5 = € 95 miljard euro.

Video

Wil je een samenvatting op video over het verschil tussen voorraadgrootheden en stroomgrootheden? Kijk dan onderstaande video van Economie-Academy.

Bekijken als Rooster Lijst

4 Items

per pagina
Aflopend sorteren
Bekijken als Rooster Lijst

4 Items

per pagina
Aflopend sorteren