Examen Wiskunde A VWO 2018

Samenvatting
Examentips
Oude examens

Weet jij hoe je kansberekening moet toepassen? Ken je het verschil tussen de discrete en de continue verdeling? Is differentiëren geen probleem voor jou? Op deze pagina kun je alles lezen over het examen Wiskunde A VWO.

De examenstof

Het examen Wiskunde A VWO 2018 bestaat uit een aantal onderdelen, namelijk:

1. Functies en grafieken

In de Wiskunde is een functie een grootheid die in haar afhankelijkheid afhangt van één of meer andere elementen. Op het examen moet je grafieken kunnen tekenen en machtsfuncties, exponentiële functies en logaritmische functies kunnen interpreteren. Bij machtsfuncties en exponentiële functies is het belangrijk te begrijpen dat het kwadraat voor exponentiële stijgingen of dalingen zorgt. Zorg dat je ook bekend bent met gebroken functies en logaritmische functies.

Wanneer je op het examen een vraag met algemene informatie krijgt, moet je op zoek naar samenhang. Zorg dat je weet hoe je transformaties op een grafiek moet uitvoeren en functies moet combineren. Je moet met breuken kunnen rekenen, kettingfuncties kunnen opstellen en vergelijkingen kunnen oplossen. Dit laatste moet je zowel via de grafische methode als de algebraïsche methode kunnen. Zorg dat je stelsels van vergelijkingen kunt oplossen en de ABC-formule kent.

2. Discrete analyse

Dit onderdeel gaat over veranderingen. Je moet uit een grafiek kunnen opmaken of lijnen stijgen of dalen. En of dit toenemend, constant of afnemend is. Zorg dat je weet wat maxima en minima zijn. Je moet weten wat toenamediagrammen zijn en hoe je moet omgaan met differentiequotiënten. Ook moet je hellinggrafieken en hellingfuncties kunnen aflezen/opstellen.

3. Combinatoriek en kansrekening

Bij combinatoriek gaat het om telproblemen. Hier moet je je afvragen of herhaling is toegestaan of niet. Ook moet je je afvragen of de volgorde belangrijk is of niet. Zo ja, gebruik je permutaties. Zo niet, gebruik je combinaties. Met een boomdiagram, wegendiagram of rooster kun je telproblemen visualiseren. Een kans is de verwachting dat een gebeurtenis plaatsvindt. Op het examen kan worden gevraagd om de kans op succes of mislukking te berekenen. Zorg dat je de kansdefinitie van Laplace kent. Je moet zowel met voorwaardelijke kansen als onafhankelijke gebeurtenissen kunnen rekenen. Zorg dat je ook het verschil kent tussen een theoretische en empirische kans.

Wanneer je rekent met kansen, zorg dan dat je het verschil tussen de somregel en productregel kent. En dat je weet hoe je het vaasmodel kunt toepassen. Je moet kunnen omgaan met trekken mét en zonder terugleggen. En percentages bij kansen kunnen berekenen. Tenslotte moet je de complementregel kunnen toepassen. Wanneer je speciale discrete verdelingen op het examen krijgt, weet je dat je moet kijken naar de manier waarop een kans is verdeeld. Je moet hierbij met de binomiale kansverdeling kunnen rekenen.

4. Differentiaalrekening met toepassingen

Dit onderdeel gaat in op afgeleide functies en rekenregels. Met behulp van het differentiequotiënt kun je het differentiaalquotiënt in een punt berekenen. Dit is de maat voor lokale verandering in een functie. Differentiëren is het berekenen van de afgeleide functie. Zorg dat je de standaardfuncties en de afgeleide daarvan kent. Je moet de afgeleide functies kunnen gebruiken om extreme waarden te vinden.

Er zijn op het examen enkele rekenregels die je moet kennen om te kunnen rekenen met afgeleiden. Bijvoorbeeld de kettingregel voor het bepalen van de afgeleide in een samengestelde functie. Maar ook de somregel, productregel en quotiëntregel.

5. Statistiek en kansrekening

Het laatste onderdeel van het examen gaat over statistiek en kansrekenen. Je moet het verschil kennen tussen een populatie en een steekproef. Daarnaast moet je kunnen aangeven of een steekproef select of aselect is gekozen, of deze representatief is en voldoende groot. Ook moet je statistische gegevens kunnen ordenen, verwerken en samenvatten. Zorg dat je weet hoe je een frequentietabel, staafdiagram, cirkeldiagram, boxplot, frequentiepolygoon en steel/bladdiagram kunt gebruiken en aflezen.

Bij kansverdeling moet je de normale verdeling begrijpen en kunnen toepassen. Zorg dat je begrijpt wat een standaardafwijking is. Verder moet je de oppervlakte en grenzen kunnen berekenen, maar ook het gemiddelde en de standaardafwijking. Zorg dat je weet hoe je normaalwaarschijnlijkheidspapier kunt inzetten om de verdeling uit te tekenen. Bij een kansverdeling moet je je altijd afvragen of je te maken hebt met een discrete of continue kansverdeling. Eventueel moet je bij een discrete verdeling een continuïteitscorrectie kunnen toepassen.

Statistiek wordt vaak gebruikt voor het toetsen van hypothesen. Een hypothese is een veronderstelling die nog moet worden bewezen. Je moet het verschil weten tussen de nulhypothese en alternatieve hypothese en tussen enkelzijdige en tweezijdige toetsing. Ook moet je kunnen inschatten hoeveel je aan het toeval wilt overlaten. Oftewel: wat is het passende significantieniveau? Zorg dat je hierbij de normaalverdeling kunt toepassen en dat je weet hoe je om moet gaan met de tekentoets.

Het examen Wiskunde A VWO

Wiskunde is de wetenschap die zich bezighoudt met de eigenschappen van getallen, patronen en structuren. Het examen Wiskunde A VWO bestaat uit open vragen over deze onderwerpen. Hieronder leggen we uit wat voor vragen je kunt verwachten.

Op het examen moet je de eigenschappen van standaardfuncties kennen, grafieken kunnen tekenen en vergelijkingen kunnen oplossen. Ook wordt er verwacht dat je telproblemen kunt oplossen en kunt rekenen met rijen. Ten slotte moet je de afgeleide van een functie kunnen bepalen.

Hoe kunnen wij jou helpen bij het eindexamen?

Wij geloven dat iedereen kan slagen voor het eindexamen. Om jou te helpen goed voorbereid het examen in te gaan, hebben wij de volgende drie hulpmiddelen voor jou:

De examenperiode is de meest stressvolle tijd van de middelbare school. Maar als jij onze samenvatting goed doorneemt, veel oefenvragen maakt en onze examentips leest, dan ga jij straks slagen voor het eindexamen!

3 Items

per pagina
Aflopend sorteren
  1. Samenvatting Wiskunde A (VWO) €12

    Van € 9,00

    Naar € 15,00

  2. Samenvatting + Oefenboek Wiskunde A (VWO) €26
    € 26,00 Normale prijs € 28,00

3 Items

per pagina
Aflopend sorteren