Gratis verzending vanaf 30 euro
Binnen 2 werkdagen in huis
Digitaal te lezen in de app
40.000+ leerlingen gingen je voor

Collectieve goederen en meeliftgedrag

Collectieve goederen zijn goederen waarvan iedereen meeprofiteert, zoals straatverlichting, dijken en de politie. Het betalen van deze goederen kan leiden tot meeliftgedrag. Wil je weten hoe dit werkt? Lees dan snel verder.

Collectieve goederen

Wat zijn collectieve goederen?

Collectieve goederen

Collectieve goederen zijn goederen die alleen door de overheid geleverd worden en positieve externe effecten met zich meebrengen. Voorbeelden zijn wegen, fietspaden, de politie, het leger, straatverlichting en rechtspraak. De positieve effecten van de aanleg van bijvoorbeeld straatverlichting kun je niet terugvinden in de opbrengsten van het bedrijf of de instantie die de straatverlichting aanlegt. De positieve effecten hiervan zijn dus extern. Collectieve goederen hebben drie kenmerken:

  1. Collectieve goederen zijn niet uitsluitbaar. Niemand kan van het gebruik worden uitgesloten. Als de overheid bijvoorbeeld straatverlichting aanlegt, kan het niet zo zijn dat sommige mensen wel licht krijgen van deze straatverlichting en anderen niet.
  2. Collectieve goederen zijn meestal niet rivaliserend. Het gebruik van collectieve goederen door één burger gaat niet ten koste van het gebruik van een ander. Als één persoon straatverlichting gebruikt, betekent dat niet dat iemand anders dat niet meer kan doen.
  3. Collectieve goederen zijn niet splitsbaar. Ze zijn niet te splitsen in individueel leverbare eenheden. Je kunt niet ‘één straatverlichting’ ontvangen. Één burger kan zo niet meer straatverlichting krijgen dan anderen.

Wat zijn individuele goederen?

Individuele goederen

Collectieve goederen verschillen zo van individuele goederen. Individuele goederen worden vaak geleverd door particuliere bedrijven. Voorbeelden zijn alle producten die je in een winkel koopt: voedsel, kleding, telefoons, etcetera. Individuele goederen hebben drie kenmerken, die het tegenovergestelde zijn van die van collectieve goederen:

  1. Individuele goederen zijn uitsluitbaar. Voor individuele goederen moet door iedereen individueel worden betaald. Als je bijvoorbeeld een nieuwe fiets wilt kopen, moet je daarvoor betalen. Andere mensen zijn dan uitgesloten van het gebruik van jouw fiets.
  2. Individuele goederen zijn rivaliserend. Als één persoon een nieuwe fiets koopt, kan een andere persoon niet ook diezelfde fiets kopen.
  3. Individuele goederen zijn splitsbaar. Je kunt ervoor kiezen om één, twee of drie fietsen te kopen. Één burger kan zo meer fietsen kopen dan een ander.

Het kan echter ook zo zijn dat collectieve goederen rivaliserend zijn. Als één persoon op een bepaald moment gebruikmaakt van een rechtbank, kan die rechtbank niet op hetzelfde moment door alle andere burgers gebruikt worden. Ook zijn er voorbeelden van individuele goederen die niet-rivaliserend zijn. Als jij bijvoorbeeld een TV-abonnement afsluit, betekent dat niet dat andere mensen dat niet ook kunnen doen.

Wat zijn quasi-collectieve goederen?

Quasi-collectieve goederen

Quasi-collectieve goederen zijn goederen die wel uitsluitbaar zijn, maar alsnog door de overheid worden geleverd. Zij zouden in principe door bedrijven kunnen worden geleverd, maar er wordt voor gekozen om dit door de overheid te laten doen.

Een voorbeeld van een quasi-collectief goed is het onderwijs. Onderwijs zou alleen geleverd kunnen worden als een individueel goed. Onderwijs is een uitsluitbaar goed: als één kind naar een school gaat, kan een ander kind niet op dezelfde plek in een klaslokaal als dat kind zitten. Er is sprake van beperkte rivaliteit: als één kind naar school gaat kan een ander kind wel ook naar dezelfde school gaan, maar als er teveel kinderen in een klaslokaal zitten gaat de kwaliteit van het onderwijs achteruit.

Het zou mogelijk zijn om al het onderwijs alleen te verkopen als een individueel goed door alle scholen te privatiseren. Er zouden dan alleen nog maar privéscholen zijn. Dit zou ertoe leiden dat sommige kinderen zouden worden uitgesloten van onderwijs en dat alleen kinderen van rijkere ouders naar goede scholen zouden kunnen gaan. Om dit te voorkomen levert de overheid onderwijs: onderwijs wordt zo voor ieder kind toegankelijk. Onderwijs is zo een quasi-collectief goed: het is een goed dat ook alleen verkocht zou kunnen worden door particuliere bedrijven, maar toch door de overheid wordt geleverd.

Meeliftgedrag bij collectieve goederen

Meeliftgedrag bij collectieve goederen

Doordat mensen niet kunnen worden uitgesloten van de positieve effecten van collectieve goederen, kan meeliftgedrag ontstaan. Het maakt niet uit of je meebetaalt aan straatverlichting of niet, je kunt toch profiteren van het licht. Zo ontstaat een gevangenendilemma: het is in ieders eigenbelang om niet mee te betalen aan collectieve goederen. Omdat dit voor iedereen geldt, is het waarschijnlijk dat collectieve goederen niet betaald zullen worden. Het zou voor jou financieel het beste zijn als alle andere Nederlanders meebetalen aan dijken, maar jij niet. Dit geldt voor alle Nederlanders. Zo ontstaat meeliftgedrag: mensen proberen mee te liften door gebruik te maken van collectieve goederen waar zij zelf niet voor betaald hebben maar alle andere burgers wel.

Hoe kan meeliftgedrag bij collectieve goederen worden voorkomen?

Voorkomen van meeliftgedrag bij collectieve goederen

Als niemand belasting betaalt voor de productie van collectieve goederen, worden deze goederen niet geproduceerd. Er zouden dan geen dijken gebouwd kunnen worden, geen wegen kunnen worden aangelegd of onderhouden en de politie zou niet betaald kunnen worden. Daarom is het nodig dat de overheid maatregelen neemt waardoor mensen toch belasting gaan betalen en de collectieve goederen wel geproduceerd kunnen worden.

De overheid maakt voor het betalen van belastingen gebruik van collectieve dwang. Het is verplicht om belasting te betalen: dit staat in de wet. Doordat mensen verplicht belasting moeten betalen komt er genoeg belastinggeld binnen om de collectieve goederen te betalen.

Mensen die belasting ontduiken worden gestraft, waardoor zij alsnog belasting zullen gaan betalen. Bij belastingontduiking overtreden mensen de wet door geen belasting te betalen. Doordat dit strafbaar is en er bijvoorbeeld boetes zijn voor mensen die belasting ontduiken, is het ook in het belang van mensen zelf om belasting te betalen en de boetes te vermijden. Belastingontduiking verschilt van belastingontwijking. Bij belastingontwijking wordt de wet niet overtreden en kunnen mensen er op een legale manier voor zorgen dat zij minder belasting betalen. Er is zo geen boete voor belastingontwijking. Het is dan niet in het eigenbelang van mensen die belasting ontwijken om mee te betalen aan collectieve goederen.

Video

Wil je een samenvatting zien over collectieve goederen? Kijk dan onderstaande video.

Ontvang exclusieve tips in het examenjaar

Graag helpen we jou in het examenjaar richting je diploma!
Zit jij in je examenjaar en wil jij slagen? Schrijf je dan in voor:

Exclusieve tips
De geheimen van het eindexamen
Een template voor jouw leerplanning
Dat extra zetje in de rug

Ik ben